Schuren doe je om je werkstuk, na het vijlen, verder glad en zonder krassen af te werken. Na het schuren is je werkstuk geprepareerd om het te polijsten.
 Schuurpapier is er in verschillende groften. De grofte wordt meestal aangegeven met de korrel. Hoe hoger het getal van de korrel, des te kleiner de korreltjes op het papier zijn en hoe fijner het schuurpapier is. Opeenvolgende groftes (van grof naar fijn) zijn bijvoorbeeld, korrel 100, 240, 500, 1200, 2000.
Soms wordt de grofte ook aangegeven met een andere nummering die (van grof naar fijn) verloopt als 3, 2, 1, 0, 2/0, 3/0, 4/0. Dit is vergelijkbaar met de nummering die wordt gebruikt voor zaagjes.
 Je werkt altijd van grof naar fijn. Je begint met het grofste schuurpapier, daarna gebruik je een steeds fijnere korrel.
 Schuurpapier is verkrijgbaar als losse bladen of geplakt op schuurlatjes. Voor een zo goed mogelijk resultaat is het belangrijk om het schuurpapier tijdens het gebruik zoveel mogelijk om een gladde ondergrond te wikkelen. Je kunt het bijvoorbeeld om een vijl of houten blokje wikkelen, maar de kant en klare schuurlatjes (in verschillende vormen) zijn daar ideaal voor. Als je een vlak oppervlak schuurt met het schuurpapier los in de hand, dan ontstaan er al snel onregelmatig vormen door de onregelmatig druk die je met je vingers uitoefent. Schuurlatjes kun je eventueel ook zelf maken met behulp van profiel-latjes die je in de bouwmarkt koopt.
 Schuur met schuurpapier van een bepaalde grofte altijd in één richting op en neer. Zo zie je goed of alle krasjes verdwijnen. Als je alleen nog maar krasjes in die richting ziet, veroorzaakt door het schuurpapier, dan kun je overstappen naar het volgende iets fijnere schuurpapier. Met dat fijnere schuurpapier ga je dan in de tegenovergestelde richting schuren. Zo kun je opnieuw goed zien of je alle krasjes hebt weggehaald. Als er toch diepere krassen zichtbaar blijven die je niet wegkrijgt, doe dan een stapje terug naar wat groffer schuurpapier en werk van daaraf weer verder.
 Gebruik tijdens het schuren je zaagplankje/vijlpen als steun en ondergrond om je werkstuk tegen aan te houden. Om nieuwe krasjes aan de onderkant te voorkomen, kun je er een stuk zeem of een andere zachte doek tussen leggen.
 Ga door totdat je het fijnste schuurpapier hebt gebruikt en je nagenoeg geen krasjes meer ziet. Je werkstuk is dan klaar om te gaan polijsten.
|