Ringetjes worden gebruikt voor schakelkettingen en kunnen individueel aan een werkstuk bevestigd worden om er bijvoorbeeld een een hanger van te maken. Zie voor een voorbeeld de schakelketting die ik heb gemaakt.
Ringetjes kunnen het beste in grotere series gemaakt worden, dat zaagt gemakkelijker. In een sorteerdoosje kunnen ze per maat bewaard worden.
 Neem een zilveren draad van de gewenste dikte, bijvoorbeeld van 1 mm. Zoek een stevig staafje met de gewenste dikte, waar je de draad omheen kunt wikkelen. De dikte van de staaf wordt de diameter (aan de binnenkant) van de ringetjes. Je kunt o.a. breinaalden, spijkers en boortjes als staafje gebruiken.
 Zet het staafje stevig vast in de bankschroef en wikkel de draad strak om de staaf. Zorg dat de wikkelingen vlak naast elkaar komen te zitten, zodat het een strakke spiraal wordt. Zodra je genoeg wikkelingen/ringetjes hebt, knip je de draad af en schuif je de spiraal van de staaf.
 Houdt de spiraal vast tussen duim en wijsvinger en druk de bovenkant van de spiraal tegen de vijlpen. Zaag met de zaagbeugel de ringetjes van boven naar beneden los. Mijn ervaring is dat dit enige oefening vergt en het leverde mij in het begin wel wat kramp in de vingers op. Maar zodra je een keer alle schakels voor een armband of ketting hebt gezaagd, ben je een volleerd ringetjesmaker.
|